Doorzoek deze site met behulp van Google!
De nieuwssite voor alimentatie nieuwsbrief Abonneer u op het laatste nieuws van deze site
U bent hier: Home > Service

Circulaire terugvordering

Circulaire terugvordering

causaliteitsbeginsel
- De factoren behoefte en niet-financiÙle omstandigheden moeten steeds in onderlinge samenhang worden bezien en gewogen. Deze factoren geven antwoord op de vraag of na echtscheiding er een onderhoudsplicht bestaat en zo ja, hoe lang. Deze factoren worden dus gehanteerd om na te gaan of het gebrek aan bestaansmiddelen van de alimentatieverzoekende partij nog verband houdt met het ontbonden huwelijk, ook wel aangeduid als de zogenaamde causaliteit. Als de werkloosheid geen huwelijksgebonden factor is, zal in het algemeen het verhaal worden afgewezen.

Voor de afweging van deze factoren en een selectie uit de relevante jurisprudentie wordt verwezen naar het artikel van W. de Bruijn, Wettelijke duurbeperking van het bijstandsverhaal op onderhoudsplichtigen, Sociaal Bestek, 1992, nr. 7/8, blz. 17-19. Hieronder zijn enige (aanvullende) uitspraken opgenomen, waarin geen causaliteit aanwezig werd geacht en als gevolg waarvan het verhaalsverzoek werd afgewezen:

uitspraak 1
- Rb. Amsterdam, 24-12-1986, JABW 1987/285: Nu vaststaat dat de vrouw zowel tijdens het huwelijk als na de echtscheiding - toen de kinderen van partijen jonger waren - in eigen levensonderhoud heeft kunnen voorzien, kan van de inmiddels ontstane behoeftigheid van de vrouw niet worden gezegd dat zij direct verband houdt met het ontbonden huwelijk of de zorg voor de kinderen van partijen, zodat de man niet onderhoudsplichtig is jegens zijn ex-echtgenote. De aanwezige draagkracht komt ten goede aan zijn kinderen;

uitspraak 2
- Ktg. Alkmaar, 8-1-1986, JABW 1987/19: Geen onderhoudsplicht aanwezig, gelet op de niet-financiÙle factoren:
bijstandsafhankelijkheid van de vrouw voorafgaande aan het huwelijk en de korte duur van het huwelijk. Niet gebleken is van enige omstandigheid (bijvoorbeeld jonge kinderen) waaruit verband kan worden gelegd tussen het huwelijk en de vervolgens weer herleefde ABW afhankelijke positie van de vrouw voor wat betreft haar mogelijkheden in eigen levensonderhoud te voorzien;

uitspraak 3
- Ktg. Haarlem, 8-1-1992, Nemesis 1992, nr. 5:
Partijen zijn op 3-2-1983 gescheiden. Ten tijde van de echtscheiding had de man een WAO-uitkering en sinds 19-3-1986 een ABW-uitkering. Geen onderhoudsplicht. Niet gebleken is van enig verband tussen het huwelijk van de man en de vrouw en de positie waarin de man na ontbinding van het huwelijk, wat betreft de mogelijkheid om in de kosten van levensonderhoud te voorzien, is komen te verkeren.

causaliteit staat los van kinderalimentatie
-Als de gemeente van mening is, dat geen causaliteit aanwezig is, hoeft zij uiteraard de vraag of er sprake is van een onderhoudsplicht niet aan de rechter ter toetsing voor te leggen.

-Het ontbreken van de causaliteit laat onverlet de verplichting voor beide echtgenoten om bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding van kinderen. De zogenaamde niet-financiÙle omstandigheden spelen geen rol bij de alimentatie voor kinderen.
Bron:
Informatieve circulaire vuistregels alimentatie- en verhaalsjurisprudentie van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 21 januari 1993 (BV/UKB/AUB/21133).

Datum bericht: 23 dec 2004
Laatst bijgewerkt: 17 mrt 2010