Wordt er niet vrijwillig betaald, dan moet de beschikking ten uitvoer worden gelegd. Het executierecht geeft meerdere dwangmiddelen waar gebruik van kan worden gemaakt. In principe wordt de zaak door de advocaat uit handen gegeven aan een deurwaarder. De deurwaarder kan vervolgens bijvoorbeeld loonbeslag leggen bij de werkgever van de alimentatieplichtige.
Maar wat nou als de alimentatieplichtige zich op alle denkbare (en soms ook ondenkbare) manieren ontrekt aan zijn verplichtingen? Zijn alle dwangmiddelen zonder succes benut, dan resteert er nog één middel: lijfsdwang.
Executie door middel van lijfsdwang
Lijfsdwang is in een indirect dwangmiddel. Het houdt in dat iemand zijn persoonlijke vrijheid wordt ontnomen. De strekking van lijfsdwang is het uitoefenen van druk op de alimentatieplichtige, opdat deze zijn alimentatieverplichtingen gaat nakomen. Indien een rechter verlof geeft voor een tenuitvoerlegging met behulp van lijfsdwang, dan wordt de onderhoudsplichtige zijn vrijheid ontnomen. Hij of zij gaat dan naar een huis van bewaring.
Het ontnemen van iemands vrijheid is een vergaande maatregel. Het behoeft geen uitleg dat lijfsdwang zeer ingrijpend is voor degene tegen wie het wordt gebruikt. Lijfsdwang moet dan ook worden gezien als het uiterste dwangmiddel. Dit betekent dat lijfsdwang pas aan de orde kan zijn als alle andere middelen hebben gefaald en er dus geen andere mogelijkheden meer zijn.
De belangenafweging door de rechter
Voordat een rechter verlof verleent voor het executeren van een beschikking met behulp van lijfsdwang, bepaalt de rechter of er daadwerkelijk sprake is van onmacht én onwil om aan de betalingsverplichting te voldoen. Ook wordt er gekeken maar de vraag of er geen alternatief bestaat: kan het geld op een andere manier worden geïnd? Komt de rechter tot de conclusie dat andere dwangmiddelen niet baten en is er een afweging van ieders belangen gemaakt, dan kan het verlof worden verleend.
Gevallen waarin lijfsdwang is gevorderd
Over het algemeen zal een rechter niet snel een uitvoerbaarheid bij lijfsdwang uitspreken. Zo werd een vordering tot lijfsdwang door het Hof in Den Haag afgewezen, aangezien er onvoldoende van kon worden uitgegaan dat een ander dwangmiddel onvoldoende uitkomst zou bieden en het Hof het middel van lijfsdwang vooralsnog te ingrijpend achtte. Daarbij overwoog het Hof dat op grond van internationale verdragen de vrouw de alimentatieverplichtingen van de man jegens haar en de kinderen ook in het buitenland ten uitvoer kon leggen.
De Rechtbank Zwolle-Lelystad heeft in haar vonnis van 18 juli 2007 (LJN BA9677) de vordering ook afgewezen, nu niet was gebleken dat alle andere middelen hadden gefaald. De man had ter zitting helder verklaard dat hij bereid was om met de vrouw te willen overleggen over het ontstane geschil. Hierdoor werd mediaton een optie. De vrouw weigerde echter hier gebruik van te maken.
Uiteraard is er ook jurisprudentie aanwezig waarin de vordering wel werd toegewezen. Bijvoorbeeld door de rechtbank in Maastricht (LJN AY5806), nadat duidelijk werd dat er door de man allerlei gelden werden verzwegen. Of de toepassing van lijfsdwang ooit tot betaling heeft geleid, is overigens niet uit deze jurisprudentie af te leiden!
Mr E.M. Thoenes - van der Veen
Dommerholt Advocaten
|